Abstract
Deze uitspraak is een annotatie waard omdat het de eerste uitspraak is waarin de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State beoordeelt of een bestuursorgaan het openbaar maken van informatie op grond van de Wet open overheid (Woo) mocht weigeren vanwege de zogenaamde i-grond. Deze uitzonderingsgrond is een relatieve uitzonderingsgrond. Het bepaalt dat het openbaar maken van informatie achterwege blijft voor zover het belang daarvan niet opweegt tegen het belang van het goed functioneren van de Staat, andere publiekrechtelijke lichamen of bestuursorganen. Deze uitzonderingsgrond is nieuw ten opzichte van de Wob en sinds de inwerkingtreding van de Woo is de vrees geuit dat deze grond een ‘duizenddingendoekje’ zou worden voor bestuursorganen om openbaarmaking te weigeren. Jurisprudentie van de Afdeling over deze grond is daarom van groot belang om de kaders van deze nieuwe uitzonderingsgrond duidelijk te krijgen. Uit de uitspraak blijkt (kort samengevat) dat (i) tijdsverloop in acht moet worden genomen bij het bepalen of het goed functioneren in het geding is; en (ii) een belangenafweging op het niveau van een document(onderdeel) moet plaatsvinden, tenzij sprake is van een crisis.
| Original language | Dutch |
|---|---|
| Article number | 233 |
| Journal | Administratiefrechtelijke beslissingen Rechtspraak Bestuursrecht |
| Volume | 2024 |
| Issue number | 32 |
| Publication status | Published - 2024 |
| Externally published | Yes |
Bibliographical note
Woo-verzoek over integriteitsschendingen door ambtenaren. Goed functioneren van de gemeente kan aan de orde zijn, maar tijdsverloop is relevant. Een belangenafweging in abstracto is alleen in tijden van crisis mogelijk.Cite this
- APA
- Author
- BIBTEX
- Harvard
- Standard
- RIS
- Vancouver