TY - JOUR
T1 - Voorbij de controverse
T2 - het Nederlandse neoliberalisme als onderwerp van onderzoek
AU - Mellink, A.G.M.
AU - Oudenampsen, Merijn
PY - 2019
Y1 - 2019
N2 - Het begrip neoliberalisme fungeert vaak als onderwerp van verwoede polemiekenin het publieke debat. Prominente Nederlandse auteurs hebben het neolibera‐lisme gelijkgesteld met fundamentalisme; sommigen identificeerden het zelfs als‘totalitair geloof’ (Achterhuis, 2010; Van Rossem, 2011; Wöltgens, 1996). Daarrecht tegenover staat het andere kamp. Volgens hen is het neoliberalisme eenstropop en een boeman, een scheldwoord dat critici gebruiken als onderdeel vaneen intellectuele heksenjacht tegen het liberalisme (Bolkestein, 2009; Sanders,2009; Van de Haar, 2012; Van Hees, Van Schie & Van de Velde, 2014).Het neoliberalisme is zeker niet de enige sociaalwetenschappelijke term met eendergelijke polemische status. Veelvoorkomende begrippen als populisme, nationa‐lisme, socialisme en conservatisme vormden de aanleiding voor vergelijkbarelanglopende onenigheid en soortgelijke aantijgingen van pejoratief gebruik. Watechter uitzonderlijk lijkt aan het debat over neoliberalisme in Nederland is dat erzeer weinig uitvoerige conceptuele, empirische of historische studies zijn gepubli‐ceerd over het onderwerp. Het begrip neoliberalisme komt weliswaar vaak terugin sociaalwetenschappelijk onderzoek, maar de meeste auteurs lijken de term tegebruiken zonder echt uit te wijden over wat ze er nou precies mee bedoelen (DeBeus, Van Doorn & De Rooij, 1996; Hemerijck, 1998; Touwen, 2014; Van Kers‐bergen, 1995; Voerman, 2011).Dit artikel begint met een verkenning van de controverse rond het begrip neolibe‐ralisme in zowel het internationale als het Nederlandse debat. Puttend uit eenrecente reeks toonaangevende historiografische publicaties schetst het de ont‐staansgeschiedenis van het begrip neoliberalisme. Het stelt vervolgens – alsmiddel om deze controverse te overstijgen – een ideeëngerichte benadering vanhet Nederlandse neoliberalisme voor. Na enkele voorlopige aanzetten hiertoe tehebben gegeven sluit het artikel af met een pleidooi voor verder onderzoek.
AB - Het begrip neoliberalisme fungeert vaak als onderwerp van verwoede polemiekenin het publieke debat. Prominente Nederlandse auteurs hebben het neolibera‐lisme gelijkgesteld met fundamentalisme; sommigen identificeerden het zelfs als‘totalitair geloof’ (Achterhuis, 2010; Van Rossem, 2011; Wöltgens, 1996). Daarrecht tegenover staat het andere kamp. Volgens hen is het neoliberalisme eenstropop en een boeman, een scheldwoord dat critici gebruiken als onderdeel vaneen intellectuele heksenjacht tegen het liberalisme (Bolkestein, 2009; Sanders,2009; Van de Haar, 2012; Van Hees, Van Schie & Van de Velde, 2014).Het neoliberalisme is zeker niet de enige sociaalwetenschappelijke term met eendergelijke polemische status. Veelvoorkomende begrippen als populisme, nationa‐lisme, socialisme en conservatisme vormden de aanleiding voor vergelijkbarelanglopende onenigheid en soortgelijke aantijgingen van pejoratief gebruik. Watechter uitzonderlijk lijkt aan het debat over neoliberalisme in Nederland is dat erzeer weinig uitvoerige conceptuele, empirische of historische studies zijn gepubli‐ceerd over het onderwerp. Het begrip neoliberalisme komt weliswaar vaak terugin sociaalwetenschappelijk onderzoek, maar de meeste auteurs lijken de term tegebruiken zonder echt uit te wijden over wat ze er nou precies mee bedoelen (DeBeus, Van Doorn & De Rooij, 1996; Hemerijck, 1998; Touwen, 2014; Van Kers‐bergen, 1995; Voerman, 2011).Dit artikel begint met een verkenning van de controverse rond het begrip neolibe‐ralisme in zowel het internationale als het Nederlandse debat. Puttend uit eenrecente reeks toonaangevende historiografische publicaties schetst het de ont‐staansgeschiedenis van het begrip neoliberalisme. Het stelt vervolgens – alsmiddel om deze controverse te overstijgen – een ideeëngerichte benadering vanhet Nederlandse neoliberalisme voor. Na enkele voorlopige aanzetten hiertoe tehebben gegeven sluit het artikel af met een pleidooi voor verder onderzoek.
U2 - 10.5553/BenM/138900692019046002003
DO - 10.5553/BenM/138900692019046002003
M3 - Article
SN - 0165-1625
VL - 46
SP - 235
EP - 254
JO - Beleid en Maatschappij
JF - Beleid en Maatschappij
IS - 2
ER -