Abstract
Zowel in sport als de kunst gaat het om het verleggen van grenzen. Maar wat het publiek bij sport aangenaam treft, wil bij de kunst nogal eens irriteren. Kunstenaars lijken maar wat te doen, of ze overschrijden de grenzen louter om ons te shockeren. Dat is bij sport duidelijk nooit de bedoeling—sporters weten juist heel goed wat ze doen en hoewel sommige sporten sommigen shockeren (kickboksen bijvoorbeeld), is het daar in die sport niet om begonnen. Daartegenover kan iedereen wel enkele (zogenaamde) kunstwerken noemen die evident geen ander doel (lijken te) hebben dan het publiek shockeren. Welke rol spelen welke grenzen bij de sport en de kunst? Waarom gaan sporters en kunstenaars tot het gaatje, en welk gaatje is dat eigenlijk?
| Translated title of the contribution | Sportspersons and artists extend their limitations differently |
|---|---|
| Original language | Dutch |
| Media of output | Online |
| Publication status | Published - 2015 |