In 2016 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State geoordeeld dat op grond van het gelijkheidsbeginsel bij de verdeling van schaarse vergunningen door bestuursorganen aan (potentiële) gegadigden ruimte moet worden geboden om naar de beschikbare vergunning(en) mee te dingen. Deze rechtsontwikkeling is met wisselend enthousiasme ontvangen. Kritiek op de ‘mededingingsplicht’ richt zich onder meer op een (vermeende) beperking van het politiek primaat en onevenredige gevolgen voor ondernemers die al over een vergunning beschikken. In deze bijdrage zal ik kort reflecteren op het belang van het gelijkheidsbeginsel voor ondernemers bij het verdelen van schaarse vergunningen.
| Original language | Dutch |
|---|
| Title of host publication | Essays ter gelegenheid van het emiritaat van prof. Titia Loenen |
|---|
| Editors | R.A. Loof J.P.; Lawson |
|---|
| Pages | 43-46 |
|---|
| Number of pages | 4 |
|---|
| Publication status | Published - 2024 |
|---|
| Externally published | Yes |
|---|
| Name | Meijers-reeks |
|---|
| Number | MI-427 |
|---|
| Volume | 2024 |
|---|
| ISSN (Print) | 1875-3345 |
|---|