Het dwingendrechtelijke karakter van artikel 7:307 BW: handhaving of herziening?

Research output: Contribution to journalArticleAcademicpeer-review

Abstract

In de onderhavige bespreking staat het dwingendrechtelijke karakter dat de wetgever aan het in art. 7:307 BW neergelegde indeplaatsstellingsrecht heeft toegekend ter discussie. Doet de hieraan ten grondslag liggende huurdersbescherming – te weten dat de verhuurder tegen zijn wil in gedwongen kan worden een nieuwe exploitant als contractspartij van de reeds bestaande huurovereenkomst te aanvaarden – nog wel afdoende recht aan de hedendaagse verhoudingen tussen huurder en verhuurder?

Biedt een semi-dwingend of regelend regime meer ruimte voor de vereiste contractuele en rechterlijke flexibiliteit of is herziening niet nodig, nu met de huidige regeling reeds afdoende aan zowel huurders- als verhuurdersbelangen tegemoet wordt gekomen? In deze bespreking tracht ik op
voornoemde vragen een antwoord te geven, waarna ik afsluit met op eerdere conclusies gefundeerde suggesties omtrent het (on)gewenste dwingendrechtelijke karakter van art. 7:307 BW: handhaving of
tijd voor een herziening?
Original languageDutch
Pages (from-to)80-86
Number of pages7
JournalTijdschrift voor Huurrecht Bedrijfsruimte
Volume2015
Issue number2
Publication statusPublished - Apr 2015

Cite this