TY - JOUR
T1 - Het bevorderen van de autonomie van oudere personen onder een CBM-maatregel: het perspectief van professionele vertegenwoordigers en vrijwillige mentoren
AU - Augusteijn, Freya
AU - Stelma-Roorda, Rieneke
AU - de Kievit, Femke
PY - 2025/12
Y1 - 2025/12
N2 - Zowel in nationale wet- en regelgeving als in mensenrechtelijke normen is aandacht voor het bevorderen van autonomie bij volwassenen die onder curatele, beschermingsbewind of mentorschap staan. Deze studie onderzoekt, aan de hand van een vragenlijst, hoe professionele vertegenwoordigers bij de vertegenwoordiging van oudere personen aankijken tegen het bevorderen van autonomie, wat hun ervaringen zijn, hoe zij invulling geven aan de geldende normen, en welke knelpunten zij daarbij in de praktijk ondervinden. Uit de resultaten blijkt dat professionele vertegenwoordigers het belang van autonomiebevordering onderschrijven, maar dat zij de mogelijkheden om oudere personen zelfstandig of gezamenlijk beslissingen te laten nemen als beperkt inschatten, met name vanwege de cognitieve vermogens van cliënten. In de praktijk kiezen zij er dan ook vaker voor om de wensen en voorkeuren van cliënten centraal te stellen, in plaats van gezamenlijke besluitvorming actief te faciliteren. Deze studie biedt daarmee aanknopingspunten om de norm van autonomiebevordering verder te doordenken en te versterken.
AB - Zowel in nationale wet- en regelgeving als in mensenrechtelijke normen is aandacht voor het bevorderen van autonomie bij volwassenen die onder curatele, beschermingsbewind of mentorschap staan. Deze studie onderzoekt, aan de hand van een vragenlijst, hoe professionele vertegenwoordigers bij de vertegenwoordiging van oudere personen aankijken tegen het bevorderen van autonomie, wat hun ervaringen zijn, hoe zij invulling geven aan de geldende normen, en welke knelpunten zij daarbij in de praktijk ondervinden. Uit de resultaten blijkt dat professionele vertegenwoordigers het belang van autonomiebevordering onderschrijven, maar dat zij de mogelijkheden om oudere personen zelfstandig of gezamenlijk beslissingen te laten nemen als beperkt inschatten, met name vanwege de cognitieve vermogens van cliënten. In de praktijk kiezen zij er dan ook vaker voor om de wensen en voorkeuren van cliënten centraal te stellen, in plaats van gezamenlijke besluitvorming actief te faciliteren. Deze studie biedt daarmee aanknopingspunten om de norm van autonomiebevordering verder te doordenken en te versterken.
M3 - Article
SN - 0165-0084
VL - 2025
SP - 438
EP - 451
JO - Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht
JF - Tijdschrift voor Familie- en Jeugdrecht
IS - 12
M1 - 74
ER -