Effectieve rechtsbescherming en een vergelijkende motiveringsplicht bij schaarse vergunningen

Research output: Contribution to journalCase noteProfessional

Abstract

Deze uitspraak gaat over een schaarse vergunning en is interessant, omdat de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) in deze uitspraak expliciet aansluit bij een eerdere uitspraak die gaat over de verdeling van schaarse subsidies, namelijk de Holland Opera-uitspraak. In essentie blijkt uit de uitspraak dat een besluit waar een aanvraag om een schaarse vergunning wordt geweigerd vanwege een te lage rangschikking een vergelijkende motivering moet bevatten: in het weigeringsbesluit moet ook worden gemotiveerd welke aanvragen hoger zijn gerangschikt en waarom. Deze uitspraak kan daarmee ook gevolgen hebben voor de omvang van de op de zaak betrekking hebbende stukken (art. 7:4 Awb) en voor de vraag wanneer kan worden volstaan met het indienen van rechtsmiddelen tegen de eigen weigering of dat ook rechtsmiddelen moeten worden aangewend tegen alle verleende (hoger gerangschikte) schaarse vergunningen.
Original languageDutch
Article number Gst 2020/138
JournalDe Gemeentestem
Volume2020
Issue number7513
Publication statusPublished - 2020
Externally publishedYes

Bibliographical note

Gst. 2020/138 Effectieve rechtsbescherming en een vergelijkende motiveringsplicht bij schaarse vergunningen

Cite this