Skip to main navigation Skip to search Skip to main content

Rapport endotoxinen veehouderij

    Press/Media: Expert Comment

    Description

    Ministerie van Infrastructuur en Milieu 

    De voorzitter van de Tweede Kamer
    der Staten-Generaal
    Binnenhof 4
    2513 AA DEN HAAG

     

    Datum        19 maart 2015

    Betreft        Rapport endotoxinen veehouderij


     

    Ministerie van Infrastructuur en Milieu

    Plesmanweg 1-6 2597 JG Den Haag Postbus 20901 2500 EX Den Haag

    T 070-456 0000

    F 070-456 1111

     

    Ons kenmerk

    IENM/BSK-2015/25491

     

    Bijlage

    1

     

     

     

    Geachte voorzitter,

     

    Hierbij informeer ik u mede namens de staatssecretaris van Economische Zaken over het uitbrengen van een rapport met een literatuurstudie over de toetsing op de uitstoot van endotoxinen (celwandresten van bacteriën) uit de veehouderij.

     

    Endotoxinen kunnen ziekten veroorzaken. Onder meer veehouderijen stoten endotoxinen uit. In 2012 heeft de Gezondheidsraad een gezondheidskundige advieswaarde voorgesteld voor endotoxinen voor de algemene bevolking. In opdracht van het ministerie van Infrastructuur en Milieu is een literatuurstudie uitgevoerd naar de wijze waarop deze waarde toegepast zou kunnen worden bij het verlenen van de omgevingsvergunning milieu voor veehouderijen.

    Dit was toegezegd in het kabinetsstandpunt over de omvang van de intensieve veehouderij en schaalgrootte van 14 juni 2013 (Kamerstuk 28 973, nr. 134). De studie is uitgevoerd door een consortium onder coördinatie van Wageningen UR Livestock Research.

     

    In het rapport wordt verkend of de noodzakelijke gegevens voor het uitvoeren van een toetsing beschikbaar zijn en langs welke weg het toetsingskader ontworpen kan worden. Het gaat hier om gegevens over de emissie per diersoort en huis- vestingsysteem, de mogelijke emissiereductiemaatregelen en de verspreiding van endotoxinen buiten de stal. Op dit moment blijkt de kennis over emissies van endotoxinen voor de Nederlandse situatie ontoereikend om direct een toetsings- kader te kunnen ontwikkelen.

     

    Als onderdeel van het onderzoek zijn eerste verkennende berekeningen uitgevoerd naar concentraties van endotoxinen. De berekeningen lijken erop te wijzen dat de huidige toetsingskaders voor geur en fijn stof mogelijk niet in voldoende mate bescherming bieden tegen te hoge endotoxineniveaus. Dat geldt met name voor pluimvee. Daarom is nadere studie nodig gericht op de onderbouwing en ontwikkeling van een toetsingskader voor endotoxinen. Ik heb hier opdracht toe gegeven.

     

     

     

     

     

     

     

     

     

    Voor dit nadere onderzoek zijn metingen aan stallen in verschillende seizoenen en jaren nodig. In 2014 zijn daarvoor inmiddels aan verschillende staltypen metingen gedaan. Na uitwerking van de gegevens zal in 2015 verder onderzoek bij de meest kritische staltypen plaatsvinden. Met deze resultaten zal een model worden opgesteld, dat in 2016 gevalideerd wordt. Om deze onderzoekstechnische redenen heeft het uit te voeren onderzoek een lange doorlooptijd. Sneller is helaas niet mogelijk.

     

    Naar verwachting kan ik u dus in 2016 definitief uitsluitsel geven over de mogelijkheid van een toetsingskader voor endotoxinen en het effect van zo’n toetsingskader in relatie tot de bestaande toetsingskaders voor fijn stof en geur.

     

    Gezien het resultaat van bijgevoegde literatuurstudie, kan reductie van stal- emissies noodzakelijk zijn ter vermindering van de risico’s voor de volksgezond- heid. Dat geldt naast de emissies van endotoxinen ook voor andere bio-aerosolen. Daarom wil ik het perspectief van maatregelen om stalemissies verder te reduceren dan met de huidige technieken laten onderzoeken. Ik zal daarvoor een verkennende studie laten uitvoeren. Komende herfst wil ik u over het resultaat informeren.

     

    Het rapport over de literatuurstudie naar endotoxinen kan worden gedownload op

    http://edepot.wur.nl/310270.


     

    Ministerie van Infrastructuur en Milieu

     

    Ons kenmerk

    IENM/BSK-2015/25491

     

     

    Hoogachtend,

     

    DE STAATSSECRETARIS VAN INFRASTRUCTUUR EN MILIEU,

     

     

     

     

     

     

    Wilma J. Mansveld

    Period19 Mar 2015

    Media coverage

    1

    Media coverage